Al 5 jaar aanjager van verbetering in palliatieve zorg

Het programma ‘Palliantie. Meer dan zorg’ werd in 2014 opgezet om de palliatieve zorg voor patiënten én hun naasten merkbaar te verbeteren. 5 jaar lang hebben alle betrokken uit praktijk, onderzoek, onderwijs en ZonMw hier vol overgave aan gewerkt. Het resultaat? Een stevige basis voor verbetering, blijkt uit de evaluatie.

Met subsidies is de afgelopen jaren flink geïnvesteerd in betere palliatieve zorg. Onder begeleiding van een onafhankelijke evaluatiecommissie evalueerde bureau HHM het programma. Om te zien wat de investeringen hebben opgebracht én wat de geleerde lessen zijn.

De onderzoekers keken op 3 niveaus naar de uitvoering van het programma: hoe het programma heeft gefunctioneerd, of sprake is geweest van kennisbenutting en in hoeverre het programma daaraan heeft bijgedragen. Daarvoor deden ze documentstudies en interviewden ze projectleiders en andere stakeholders, zoals medewerkers van beroepsverenigingen en landelijke organisaties voor palliatieve zorg.

Een aantal initiatieven en resultaten hebben we uitgelicht in een animatie

Samen kom je verder­

Een belangrijke pijler van het programma was het stimuleren van samenwerking binnen de palliatieve zorg. Uit de evaluatie blijkt dat het programma heeft bijgedragen aan meer en betere samenwerkingsrelaties. Dat komt mede door de oprichting van 7 ‘consortia’: samenwerkingsverbanden van expertisecentra palliatieve zorg, netwerken palliatieve zorg en het integraal kankercentrum Nederland. Die consortia werken op hun beurt weer nauw samen met lokale en regionale zorgpartijen, zoals huisartsen en hospices. De verbinding tussen onderzoek, beleid, onderwijs en praktijk is daarmee versterkt.

Sturen en faciliteren

Doordat in het programma gekozen is voor een brede en open aanpak, was het mogelijk om aan te sluiten bij specifieke behoeften in de regio’s. In de evaluatie gaven de respondenten aan dat die aanpak vruchten afwierp. Zij vertelden dat het programma een positieve bijdrage leverde aan kennisbenutting binnen projecten. Zoals met het organiseren van projectleiders­bijeenkomsten, of door projectleiders te stimuleren om aan de start van hun project een implementatieplan te maken zodat kennisimplementatie en kennisborging al vroeg aandacht krijgen.

Aanbevelingen

Uiteraard zijn er ook punten die meer of blijvende aandacht verdienen in het vervolgprogramma. Hoewel de brede en open aanpak gewaardeerd wordt, is het nu tijd om focus aan te brengen in de thema’s. Zo zijn bijvoorbeeld de thema’s pijnbestrijding en overlijden op de plek van voorkeur nog onvoldoende belicht. Daarbij is het belangrijk om in Palliantie II voort te bouwen op het huidige programma.

Een andere aanbeveling uit de evaluatie is dat er meer aandacht nodig is voor implementatie op grotere schaal en borging op lange termijn. ZonMw kan daar een faciliterende rol in hebben. Verder werd onder meer gezien dat de verbinding tussen onderzoek, beleid, onderwijs en praktijk is versterkt, maar dit blijft een aandachtspunt.

Het doet allemaal niets af aan een van de belangrijkste conclusies uit de evaluatie: er is nu meer aandacht voor en bewustzijn over palliatieve zorg bij zorgverleners, de behoeften van mensen in de laatste levensfase staan meer centraal en de samenwerking tussen partijen is verstevigd. Dat was zonder het programma ‘Palliantie. Meer dan zorg’ niet gelukt.

Wetenschap, praktijk en onderwijs

Veel van de projecten in het programma ‘Palliantie. Meer dan zorg’ richtten zich heel nadrukkelijk op het vergaren én benutten van kennis over palliatieve zorg. Dat wil zeggen dat de opbrengsten uit de projecten ook bruikbaar moesten zijn. Het programma wilde (en wil) immers uitdrukkelijk de verbinding leggen tussen wetenschap, praktijk en onderwijs. Dat resulteerde onder meer in praktische instrumenten. Bovendien zijn grote stappen gemaakt in het coördineren en aanvullen van palliatief onderwijs voor wo, hbo en mbo.

Meer weten over de evaluatie van het programma Palliantie. Meer dan zorg?

Lees het rapport met de aanbevelingen van de evaluatiecommissie.